Het badwater weggooien

kind in bad

Nee, er werd geen kind met het badwater weggegooid. Het badwater werd weggegooid, of eigenlijk het badwater viel, op de grond.

Door mij…..

Vier emmers aan badwater…..

Mijn nicht, Elly, mijn neef Danny en ik zouden water gaan halen bij de put 20 km buiten het dorp. We zouden ’s ochtends vroeg een lange wandeling maken naar de put. Want water uit de kraan, bestond toen niet in Manado. Helaas verliep het water halen anders dan gepland was.

De wandeling
Om 5 uur ’s ochtends vertrokken we met zijn drietjes naar de put. De wandeling zou 3 uur duren. Ik was nog slaperig in tegenstelling tot Danny en Elly. Zij waren opgewekt dat ik meeging. Ik was hun 11 jarige nichtje uit het in hun ogen luxe Nederland. Ze vonden het leuk dat ik geïnteresseerd was, hoe zij leefden. Danny maakte de hele weg grapjes en hij droeg trots de in elkaar geschoven emmers. Bij de put aangekomen, zag ik andere kinderen staan van omliggende dorpen. Iedereen begroette elkaar. Het was een enorme bijeenkomst van kinderen die bij elkaar op school zat of die op het land werkten.

Zwaar werk
Ik zag hoe de kinderen hard aan het werk waren, water omhoog te hijsen. Ze trokken met alle macht aan het touw om een grote met watergevulde emmer in de put omhoog te krijgen. Nadat ze de emmer omhoog getild hadden, moest het water eruit geschept worden in “kleinere” 20 liter emmers. Toen waren Elly en ik aan de beurt. Jeetje dat was zwaar!  Om de emmer naar boven te krijgen, moesten we allebei met ons volle gewicht aan het touw hangen. Elly maakte nog een grapje dat ze los zou laten, maar dat vond ik toen niet zo grappig, nu wel uiteraard.
Danny moest alles in de kleinere emmers scheppen, terwijl wij aan het touw hingen. Het touw voorzichtig laten zakken want de emmer laten vallen kon fout gaan, de emmer kon stuk breken op de muur of op het wateroppervlak. Dit was de emmer waar het hele dorp door in leven bleef.

pexels-photo-909493.jpeg

Over de rand
Ik leunde over de rand om te kijken hoe diep de put was, toen er stenen los kwamen. Elly kon me nog net vastpakken. Bijna was ik in de put gevallen, net als dat meisje van de Ring.  Danny keek me geschrokken aan, “die gekke Belanda (Nederlander) wilde een duik nemen in de put”. Elly had me zo weer op de kant gezet en ze gaf me een knuffel.
“Dank je wel Elly! Ik was zo geschrokken dat ik bijna in mijn broek had gepiest van angst. Dan was al het water van het dorp vies!”, grapte ik,  Elly moest daar vreselijk om lachen.

Rookie
Nog rillerig van het bijna ongeluk pakte ik de bamboestok aan met de emmers. Het was een stok met aan weerszijden een haak waar emmers aan hingen. De stok ging over je schouders. Danny had twee stokken met elk 8 emmers, en Elly had 1 stok met 8. Ik had maar vier emmers. Ach ja, ik was een rookie. Het was mijn eerste keer.

Vol zelfvertrouwen liep ik langs de dorpelingen die wisten dat we uit Nederland overgevlogen waren. Nu zagen ze dat ik als klein tengere Belanda, vier emmers water tilde. Dat vonden ze leuk!

Tussenstops
Ik deed mijn best om hen bij te houden. We waren om vijf uur ’s ochtends naar de put gegaan en het was zeker nog 2 uur lopen. Dan zouden we net op tijd aankomen, zodat oom Andy kon douchen voor zijn werk. Elly en Danny, stopten onder weg een paar keer omdat ik hen niet bij kon houden.

We waren bijna bij het dorp, om een half uur lopen te voorkomen, zouden we een stuk afsnijden, wat inhield dwars door het rijstveld. Helaas was dit geen toeristen rijstveld, dit waren echte rijstvelden met een smal stukje gras, dat als looppad fungeerde voor de lokale bewoners. Dit was geen toeristisch stukje pad, met aangelegde stenen of planken.

Verkeerde stap
En toen zette ik een verkeerde stap, een richeltje aarde brak af en daar viel ik de sawa (rijstveld) in. Toen ik weer boven kwam, zat ik onder de bloedzuigers zo groot als mijn pink en muggenlarven die zich in mijn kledingplooien hadden verstopt. Ik bleef rustig, vergeleken met de bijna doodklap in de put, viel dit wel mee. Ik wilde bijna huilen toen ik de dikke bloedzuiger op mijn wang en voorhoofd voelde.  Maar toen ik Elly’s en Danny’s lachende gezichten zag, schoot ik in de lach. Wat een kluns!

pexels-photo-914207.jpeg

Geen badwater
Elly en Danny hielpen mij alle vieze beestjes weg te halen en ik ging met de lege emmers weer mee terug. Ik had het badwater van oom Andy laten vallen, hij kon daardoor niet douchen. OEPS. Blijkbaar vond hij het niet erg, hij en tante Lientje hadden er hartelijk om gelachen. Oom Andy zou op het werk douchen. Mijn moeder had zich zo vreselijk zorgen gemaakt en toen ze zag dat ik tot twee keer toe gevallen was, zei ze het gebruikelijke: “Aduh, Anak kecil ini kasian!!” (letterlijke vertaling: wat een zielig klein kind) en dan overlaadde ze me kusjes op mijn wang en knuffels. “Mamaaaa neeee”, riep ik dan. Ik was een stoere tiener, ja! Wat iedereen nog grappiger vond.

Water koken
Het water dat nog over was, was bedoeld om ons eten te koken, gelukkig konden we nog wel eten. Anders hadden we weer terug gemoeten en dat had ik misschien niet overleefd. De volgende ochtend gingen Elly en Danny zonder mij, ik vond 1 keer meer dan genoeg en ik hield toch de boel op.

pannen water op vuur koken

Het zou zeker nog jaren duren voordat er riolering en kraanwater in het dorp beschikbaar zou zijn. Wat was iedereen blij! Vooral oom Andy, want die kon douchen zo vaak hij maar wilde.

Dank je wel lieve Elly en oom Andy voor de leuke herinneringen.
@Lieve ma, wanneer je dit leest in Indonesië, doe voorzichtig en doe de groetjes aan iedereen. Liefs Suzanna

Follow Suzanna’s world on WordPress.com

Advertenties

Posted by

Het leven zit vol uitdagingen en je angsten overwinnen, het leven is één groot avontuur! Op Suzanna’s World vertel ik over hoe ik dat doe, ik neem je mee in mijn avontuur. Welkom in mijn wereld, welkom op Suzanna’s World!